Internationaal

Het NVPA heeft eind 2010 een aparte vereniging opgericht, het NVECP, die de belangen van haar ECP-houders vertegenwoordigt. De NVECP is een volledig zelfstandig opererende vereniging die als beroepsvereniging aangesloten is bij de NAP. Zij is gewoon lid van de EAP.

Het NVECP ondersteunt het streven van de EAP naar (Europese) erkenning van het vak psychotherapie steunt. De EAP is in 1991 in Wenen opgericht met als doel om het beroep van psychotherapeut een eigen plaats te geven tussen andere vrije beroepen en wetenschapsbeoefening. Deze doelstelling is vastgelegd in de psychotherapie-verklaring van Straatsburg (1990).

De EAP stelt als uitgangspunt dat psychotherapie als vrij beroep niet alleen voorbehouden mag blijven aan artsen of psychologen, maar toegankelijk dient te zijn voor therapeuten vanuit de diverse sociale disciplines, mits zij voldoen aan gedegen opleidingseisen.

Psychotherapie en de Wet-BIG

Sinds de invoering van de Wet Beroepen in de individuele Gezondheidszorglink offsite is de beroepstitel ‘psychotherapeut’ wettelijk beschermd. Binnen het NVPA is het alleen toegestaan om deze beroepstitel te voeren wanneer je voldoet aan de wettelijke eisen. Het behalen van het ECP (Europees Certificaat voor Psychotherapie) van de EAP geeft in Nederland géén recht om de beroepstitel ‘psychotherapeut’ te voeren. Voor meer informatie over het ECP kunt u de website van de Nederlandse Associatie voor Psychotherapie raadplegen.

De Verklaring van Straatsburg

  1. De psychotherapie is een zelfstandige wetenschappelijke discipline, waarbij de uitoefening van de functie als een zelfstandig en vrij beroep wordt aangemerkt.
  2. De opleiding tot psychotherapeut geschiedt op een hoog gekwalificeerd en/of wetenschappelijk niveau.
  3. De veelzijdigheid en het veelvoud van psychotherapeutische methoden wordt gegarandeerd.
  4. De psychotherapeutische opleiding betekent een volledig afgerond theoretisch, praktisch leertherapeutisch en gesuperviseerd traject. Naast een specialisatie heeft de kandidaat voldoende kennis opgebouwd over andere methoden.
  5. De toegang tot de opleiding wordt gevormd door de verscheidenheid van vooropleidingen, in het bijzonder die uit de humane- en sociale wetenschappen.